Juridische zaken
Algemene voorwaarden
1. toepassingsgebied; aanbiedingen; schriftelijke vorm
1.1 Voor de contractuele relatie tussen de inlener (hierna "de klant" genoemd) en het uitzendbureau (hierna "ZAG" genoemd) met betrekking tot het ter beschikking stellen van uitzendkrachten (hierna "uitzendkrachten" genoemd) en voor aanbiedingen van ZAG gericht op het aangaan van een dergelijke contractuele relatie, gelden de volgende algemene voorwaarden (AV) en de voorwaarden van de betreffende overeenkomst voor het ter beschikking stellen van werknemers en het ter beschikking stellen van personeel op basis van de Duitse wet op de uitzendbranche (Arbeitnehmerüberlassungsgesetz, AĆG). Het opnemen van de algemene voorwaarden van de klant wordt uitdrukkelijk afgewezen. Deze AV zijn ook van toepassing op alle latere transacties, zelfs als er bij het afsluiten ervan niet verder naar verwezen werd.
1.2 Aanbiedingen van ZAG zijn altijd vrijblijvend en niet-bindend. Alle overeenkomsten voor het uitlenen van personeel en het plaatsen van personeel moeten schriftelijk zijn om rechtsgeldig te zijn in overeenstemming met § 12 Paragraaf 1 zin 1 AĆG, § 126 Paragraaf 2 BGB, in het bijzonder schriftelijk ondertekend door ZAG en de klant. Dit geldt ook voor nevenovereenkomsten, wijzigingen of aanvullingen op de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst, ongeacht of deze betrekking hebben op de hoofd- of nevenverplichtingen van de partijen. Indien dergelijke afspraken met de uitzendkracht worden gemaakt, zijn deze niet van kracht zonder de schriftelijke toestemming van ZAG.
2. duur van het contract; beƫindiging van het werknemersleasecontract
2.1 Tenzij anders bepaald in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst, wordt deze aangegaan voor onbepaalde tijd. Indien een uitzendkracht na de in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst vermelde einddatum zonder onderbreking voor de opdrachtgever blijft werken, wordt de opdracht geacht in onderling overleg te zijn verlengd onder de in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst en deze AV vermelde voorwaarden tot de wettelijke maximumduur van de opdracht.
2.2 Beide partijen zijn gerechtigd de uitzendovereenkomst te beëindigen met inachtneming van een opzegtermijn van één week tegen het einde van een kalenderweek. Als de klant de opdracht van de uitzendkracht vóór het verstrijken van de in zin 1 genoemde opzegtermijn beëindigt, is de klant verplicht het uurloon inclusief eventuele toeslagen, vergoedingen en andere overeengekomen vergoedingen te betalen.
een onkostenvergoeding aan ZAG te betalen voor elk uur werk dat niet voltooid is aan het einde van de opzegtermijn vermeld in zin 1 (opzeggingsvergoeding).
2.3 Het recht van beide partijen om het contract voor het leasen en werven van werknemers op elk moment en zonder opzegtermijn te beƫindigen wegens een goede reden, blijft onaangetast. Een dergelijke goede reden voor beƫindiging zonder opzegging door ZAG bestaat in het bijzonder indien de klant
- zijn betalingen opschort of een aanvraag wordt ingediend om een gerechtelijke of buitengerechtelijke insolventieprocedure voor de klant te openen
- achterstallig is met de nakoming van zijn verplichtingen jegens ZAG die voortvloeien uit het contract voor leasing en plaatsing van personeel of een andere contractuele relatie en hij niet binnen een redelijke termijn van vier weken betaalt,
- niet voldoet aan zijn verplichtingen om te zorgen voor voldoende arbeidsveiligheid voor de uitzendkracht.
2.4 Opzegging van de uitzend- en bemiddelingsovereenkomst, om welke reden dan ook, dient schriftelijk te geschieden en kan alleen effectief aan ZAG worden gedaan. Elke opzegging aan de uitzendkracht is ongeldig.
3. vergoeding; retentierecht; verrekening; cessie
3.1 ZAG is gerechtigd voor elk door de uitzendkracht gewerkt uur een vergoeding in rekening te brengen ter hoogte van het in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst overeengekomen uurtarief vermeerderd met eventuele toeslagen, vergoedingen, reiskosten e.d. De mate waarin dergelijke vergoedingen, reiskosten e.d. door de opdrachtgever dienen te worden betaald, wordt bepaald door de afspraken in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst. De mate waarin dergelijke vergoedingen, reiskosten, enz. door de klant moeten worden betaald, wordt bepaald door de afspraken in de arbeidsovereenkomst voor leasing en plaatsing van personeel. De hoogte van de vergoeding die door de klant aan ZAG moet worden betaald voor het ter beschikking stellen van de uitzendkracht is uitsluitend gebaseerd op de afspraken in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst en staat los van de overeenkomst tussen ZAG en de uitzendkracht. De basis voor de berekening van de reistijd, de vergoeding en de reiskosten is de afstand tussen de respectievelijke vestiging van ZAG en de overeengekomen plaats van opdracht, niet de woning van de uitzendkracht. Het adres van de respectieve vestiging van ZAG en in het bijzonder de plaats van de opdracht die in clausule 1 is overeengekomen, is te vinden in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst.
3.2 Toeslagen voor overwerk zijn verschuldigd voor uren die de wekelijkse arbeidsduur overschrijden die in de overeenkomst voor de terbeschikkingstelling van werknemers is overeengekomen. Als algemene regel geldt dat, ongeacht de wekelijkse arbeidsduur die in de arbeidsovereenkomst is overeengekomen, overwerktoeslagen worden berekend voor uren die langer zijn dan acht werkuren per werkdag. De volgende toeslagen worden berekend voor dergelijke overuren:
- tot het 45e uur overwerk per week 25 %
- Vanaf het 46e uur overwerk per week 50 %
De volgende andere toeslagen worden door ZAG berekend:
- Zaterdag toeslag 50 %
- Zondag toeslag 100 %
- Toeslag voor werk na 14.00 uur op kerstavond en oudejaarsavond 100 %
- Feestdagentoeslag 150 %
- Toeslag late arbeid 15 %
- Supplement voor nachtwerk 25 %
- Ploegentoeslag 15 %
Een eenmalige personeelsgerelateerde servicevergoeding van EUR 15,00 plus btw tegen het wettelijke tarief in het kader van de gerealiseerde opdracht (eerste terbeschikkingstelling van de uitzendkracht). Een eerste opdracht wordt altijd geacht te hebben plaatsgevonden als de uitzendkracht voor het eerst ter beschikking wordt gesteld of als er een onderbreking is van meer dan drie maanden tussen de opdrachtperiodes. Ongemakkenvergoedingen/vuilwerkvergoedingen volgens de voorwaarden die gelden voor vergelijkbare werknemers in het betreffende klantbedrijf. Werk op zon- en feestdagen is werk dat wordt uitgevoerd op zon- en feestdagen tussen middernacht en middernacht. Laat werk is werk dat wordt uitgevoerd tussen 14.00 en 22.00 uur, mits de reguliere werktijd na 17.00 uur eindigt. Nachtwerk is werk dat wordt uitgevoerd tussen 22.00 uur en 6.00 uur. Ploegendienst wordt gedefinieerd als werk dat regelmatig in wisselende diensten wordt uitgevoerd. Als er meerdere toeslagen tegelijkertijd worden uitbetaald, wordt alleen de hoogste toeslag uitbetaald. De toeslagen worden berekend op basis van het uurloon dat geldt op het moment van het gewerkte uur.
3.3 Op de arbeidsverhouding tussen ZAG en de uitzendkracht zijn de collectieve arbeidsovereenkomsten van toepassing die zijn afgesloten tussen de werkgeversvereniging GVP e.V. en de bij de DGB aangesloten vakbonden. Voor zover na het afsluiten van de betreffende uitleen- en terbeschikkingstellingsovereenkomst aan de bij de klant ter beschikking gestelde uitzendkracht een hogere beloning of onkostenvergoeding moet worden betaald dan ten tijde van het afsluiten van de betreffende uitleen- en terbeschikkingstellingsovereenkomst met deze uitzendkracht was overeengekomen, omdat
- er sprake is van een verhoging van de collectief overeengekomen beloning (met inbegrip van kerst- of vakantiegeld, andere bijzondere beloningen, toeslagen of vergoedingen) waarop de uitzendkracht recht heeft krachtens de collectieve overeenkomsten waarnaar wordt verwezen in paragraaf 3.3, of collectief overeengekomen onkostenvergoedingen, of
- een verhoging van de collectief overeengekomen beloning (inclusief kerst- of vakantiegeld, andere bijzondere beloningen, toeslagen of vergoedingen) of collectief overeengekomen onkostenvergoeding plaatsvindt als gevolg van een wijziging in de collectieve arbeidsovereenkomsten die van toepassing zijn op de arbeidsrelatie als gevolg van ZAG, of
- op de arbeidsverhouding van de uitzendkracht een wettelijk minimumloon of een algemeen verbindende loonbodem of een algemeen verbindende collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing is en (1.) dit wettelijk minimumloon, deze loonbodem of deze collectieve arbeidsovereenkomst pas na het sluiten van de betreffende uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst van kracht is geworden of de toepasselijkheid van dit wettelijk minimumloon, deze loonbodem of deze collectieve arbeidsovereenkomst (2.) blijkens de terzake door de afnemer aan ZAG verstrekte informatie voor ZAG niet herkenbaar was of (3.) te wijten is aan het feit dat de door de afnemer bij de opdracht opgegeven feitelijke omstandigheden niet zijn gewijzigd. (2.) voor ZAG niet herkenbaar was volgens de informatie die de opdrachtgever dienaangaande aan ZAG heeft verstrekt of (3.) te wijten is aan het feit dat de feitelijke omstandigheden in de opdrachtverstrekking door de opdrachtgever zijn gewijzigd of (4.) de opdrachtgever de uitzendkracht inzet met andere werkzaamheden dan overeengekomen in de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst, of
- voor de eerste keer branchetoeslagen of hogere branchetoeslagen aan de uitzendkracht moeten worden betaald dan door ZAG berekend ten tijde van het afsluiten van de betreffende inleen- en terbeschikkingstellingsovereenkomst, en (1.) de onderliggende branchetoeslag-CAO pas na het afsluiten van de betreffende inleen- en terbeschikkingstellingsovereenkomst in werking is getreden of de toepasselijkheid van deze branchetoeslag-CAO (2.) voor ZAG niet herkenbaar was op grond van de door de afnemer aan ZAG ter zake verstrekte informatie, of (3.) het gevolg is van het feit dat de feitelijke omstandigheden in het uitzendbedrijf die door de afnemer aan ZAG zijn medegedeeld, voor ZAG niet kenbaar waren.) volgens de door de afnemer aan ZAG ter zake verstrekte informatie voor ZAG niet herkenbaar was, of (3.) te wijten is aan het feit dat de door de afnemer aan ZAG meegedeelde feitelijke omstandigheden in het uitzendbedrijf van de afnemer zijn gewijzigd, of
- ) de door de klant aan ZAG verstrekte informatie over de beloning van een vergelijkbare werknemer in de organisatie van de klant afwijkt van de aan de uitzendkracht toe te kennen beloning conform § 8 AĆG (gelijke beloning) of (2.) een wijziging van de beloning van een vergelijkbare werknemer in de organisatie van de klant conform § 8 AĆG niet werd gemeld.
- het wettelijke beginsel van āgelijke behandelingā (essentiĆ«le arbeidsvoorwaarden inclusief beloning) volgens § 8 AĆG van toepassing is en de uitzendkracht recht heeft op een hogere beloning en/of onkostenvergoeding dan bij het sluiten van de uitzend- en personeelsbemiddelingsovereenkomst met ZAG is overeengekomen, is ZAG gerechtigd het met de klant overeengekomen uurtarief of de eventueel overeengekomen onkostenvergoeding met terugwerkende kracht te verhogen voor de periode vanaf het ontstaan van de betreffende hogere aanspraak op beloning of de hogere aanspraak op onkostenvergoeding conform de oorspronkelijke berekening van het met de klant overeengekomen uurtarief. ZAG heeft het recht om het met de klant overeengekomen uurtarief of de overeengekomen onkostenvergoeding te verhogen in overeenstemming met de oorspronkelijke berekening van het met de klant overeengekomen uurtarief. Opgemerkt dient te worden dat 90 % van het uurtarief uitsluitend berekend wordt op basis van de beloning van de uitzendkracht, terwijl 5 % van het uurtarief uitsluitend gebaseerd is op de aan de uitzendkracht verschuldigde onkostenvergoeding. De opdrachtgever behoudt zich het recht voor om aan te tonen dat voornoemde omstandigheden leiden tot geen of slechts een geringere verhoging van de door ZAG te maken loon- en/of niet-loonkosten. In voorkomend geval is ZAG slechts gerechtigd de dienovereenkomstig verhoogde loon- en bijkomende loonkosten in haar oorspronkelijke berekening op te nemen en een aldus berekend hoger factuurtarief te verlangen.
3.4 Indien ZAG in een geval als bedoeld in artikel 3.3 (c) (2.) tot en met (4.) of (d) (2.) tot en met (3.) boetes of dwangsommen moet betalen over perioden voorafgaand aan de datum waarop de afnemer ZAG in kennis heeft gesteld van de betreffende operationele omstandigheden of een wijziging van de werkzaamheden van de werknemer, is de afnemer verplicht ZAG te vrijwaren van deze betalingsverplichtingen.
3.5 De door de Uitzendkracht gewerkte uren worden aan de Opdrachtgever gefactureerd op basis van de door de Uitzendkracht bijgehouden urenverantwoording. De uitzendkrachten van ZAG dienen de betreffende werkbriefjes wekelijks in bij de opdrachtgever. Deze moeten door een bevoegde vertegenwoordiger van de klant worden gecontroleerd en ondertekend. De klant stemt in met het gebruik van elektronische tijdregistratie als alternatief voor het bijhouden van urenstaten. In principe zal, ongeacht de gekozen methode voor het registreren en factureren van de gewerkte uren van de ter beschikking gestelde uitzendkrachten, de juistheid van de gefactureerde uren automatisch bevestigd worden door de klant, tenzij de klant een correctie meldt binnen een termijn van 2 weken vanaf de factuurdatum. ZAG zal de klant bij elke factuur uitdrukkelijk wijzen op de mogelijkheid tot correctie en de gevolgen van zijn handelen.
3.6 De vergoeding wordt wekelijks door ZAG gefactureerd. Tenzij uitdrukkelijk anders overeengekomen, worden facturen elektronisch per e-mail verzonden. Het factuurbedrag is opeisbaar bij ontvangst van de factuur en dient zonder aftrek betaald te worden. Indien de klant niet betaalt naar aanleiding van de desbetreffende factuur, is hij zeven dagen na ontvangst van deze factuur in gebreke van betaling, zonder dat een aanmaning nodig is.
3.7 Een betaling wordt pas geacht te zijn verricht indien ZAG over het bedrag kan beschikken. De Opdrachtgever verplicht zich geen rechtstreekse betalingen aan de Uitzendkracht te doen; in geval van een rechtstreekse betaling aan de Uitzendkracht wordt de Opdrachtgever daardoor niet ontslagen van zijn betalingsverplichting jegens ZAG.
3.8 Het geldend maken van een retentierecht op de vergoedingsvorderingen van ZAG en het verrekenen met tegenvorderingen is slechts toegestaan indien de tegenvorderingen waarop het retentierecht is gebaseerd of de verrekende tegenvorderingen onbetwist of rechtsgeldig vastgesteld zijn. De overdracht van bestaande vorderingen tegen ZAG is alleen toegestaan indien ZAG vooraf haar schriftelijke toestemming heeft gegeven.
4. agentschapscommissie
4.1 Indien de opdrachtgever of een aan de opdrachtgever gelieerde onderneming conform artikel 15 AktG een arbeidsovereenkomst sluit met een uitzendkracht die eerder door ZAG aan de opdrachtgever ter beschikking is gesteld tijdens de opdracht of binnen 6 maanden na het einde van deze opdracht, wordt de uitzendkracht geacht door ZAG ter beschikking te zijn gesteld, tenzij de opdrachtgever kan bewijzen dat ZAG niet de oorzaak is geweest van het ontstaan van de arbeidsverhouding met de uitzendkracht. Hetzelfde geldt indien de opdrachtgever of een aan de opdrachtgever gelieerde onderneming overeenkomstig artikel 15 van de Duitse wet op de aandelenvennootschappen (AktG) de uitzendkracht vóór de eerste opdracht in dienst neemt en ZAG eerder een aanbod heeft gedaan om deze uitzendkracht aan de opdrachtgever ter beschikking te stellen.
4.2 ZAG heeft recht op een plaatsingsvergoeding voor een plaatsing in overeenstemming met artikel 4.1. Deze plaatsingsvergoeding is afhankelijk van het type, de omvang van de diensten en de moeilijkheidsgraad en wordt over het algemeen individueel overeengekomen in het respectieve contract voor werknemersleasing en werving.
4.3 Indien de overname plaatsvindt vóór de eerste opdracht of indien er geen individuele overeenkomst is, wordt de aan ZAG toekomende uitzendvergoeding berekend op basis van het in het kader van de uitzendarbeid overeengekomen uurtarief en bedraagt 240 maal dit tarief. De uitzendvergoeding wordt verminderd met 1/12 voor elke volle maand van de direct daaraan voorafgaande ononderbroken opdracht aan de opdrachtgever.
4.4 De in overeenstemming met artikel 4.3 berekende plaatsingsvergoeding mag echter niet hoger zijn dan 2,5 maal het toekomstige bruto maandinkomen van de geplaatste werknemer. De beslissende factor hierbij is het gemiddelde bruto maandinkomen, rekening houdend met eventuele extra voordelen (bijv. bonussen, kerstbonussen, commissies, vakantiegeld, winstdeling, non-cash voordelen door het gebruik van bedrijfsauto's, etc.). De duur van de arbeidsrelatie is irrelevant.
4.5 Het staat de opdrachtgever vrij om aan te tonen dat 2,5 maal het toekomstig bruto maandinkomen conform artikel 4.4 minder is dan de plaatsingsfee vastgesteld conform artikel 4.3. Hiertoe kan de opdrachtgever na het sluiten van de arbeidsovereenkomst de met de werknemer gesloten overeenkomst aan ZAG toezenden. De uittreksels van deze overeenkomst die naar ZAG worden gestuurd, moeten de salariscomponenten en alle voordelen zoals gespecificeerd in artikel 4.4 bevatten, evenals de geldige handtekeningen van de contracterende partijen.
4.6 Het staat de opdrachtgever vrij aan te tonen dat de kosten voor het in dienst nemen van een werknemer die vergelijkbaar is met de in dienst genomen uitzendkracht lager zijn. In dat geval bedraagt de plaatsingsvergoeding ten minste het bedrag dat overeenkomt met de kosten voor het in dienst nemen van een vergelijkbare uitzendkracht.
4.7 In het geval van een personeelsplaatsing zonder voorafgaande toewijzing, bedraagt de plaatsingsvergoeding drie keer het toekomstige bruto maandinkomen van de geplaatste werknemer in overeenstemming met artikel 4.4.
4.8 De plaatsingsvergoeding is uiterlijk verschuldigd bij het sluiten van de arbeidsovereenkomst tussen de geplaatste werknemer en de opdrachtgever.
5 Rechten en plichten van de contractanten
5.1 De Opdrachtgever is bevoegd en verplicht de werkzaamheden van de Uitzendkracht gedurende de overeengekomen contractduur en in de overeengekomen omvang te aanvaarden. Tenzij in de overeenkomst tot terbeschikkingstelling en terbeschikkingstelling van personeel anders is overeengekomen, geldt een wekelijkse kalenderwerktijd van de uitzendkracht van 40.00 uur en een dagelijkse kalenderwerktijd van 8.00 uur als overeengekomen. Indien de opdrachtgever met de aanvaarding van de arbeidsprestatie van de uitzendkracht geheel of gedeeltelijk in gebreke blijft of andere medewerkingsverplichtingen schendt, is ZAG gerechtigd, naast de vergoeding voor de door de uitzendkracht niet aanvaarde uren, vergoeding te vorderen van de door ZAG geleden schade, inclusief eventuele bijkomende kosten. ZAG is niet gehouden rekening te houden met hetgeen ZAG door de andere aanwending van de arbeidsprestatie van de uitzendkracht verkrijgt of opzettelijk nalaat te verkrijgen.
5.2 De opdrachtgever is bevoegd de uitzendkracht in het kader van de overeengekomen werkzaamheden werkgerelateerde instructies te geven en op de naleving daarvan toe te zien. Het recht om arbeidsrechtelijke instructies te geven of om de uitzendkracht vakantie of betaald/onbetaald verlof toe te kennen, is uitsluitend voorbehouden aan ZAG. Er ontstaat geen contractuele relatie tussen de uitzendkracht en de klant.
5.3 De aard en omvang van de te verrichten werkzaamheden en het tijdstip van deze werkzaamheden dienen uitsluitend met ZAG te worden overeengekomen. De opdrachtgever mag de uitzendkracht slechts werkzaamheden opdragen die in de overeenkomst tot terbeschikkingstelling van arbeidskrachten zijn gespecificeerd. Aan de uitzendkracht mogen alleen die machines, gereedschappen en andere apparatuur worden verstrekt die nodig zijn voor het uitvoeren van deze werkzaamheden en die voldoen aan de geldende voorschriften op het gebied van arbeidsveiligheid. De uitzendkracht mag niet worden belast met de omgang met geld, waardepapieren of andere waardevolle zaken als dit niet uitdrukkelijk is overeengekomen in de betreffende lease- en terbeschikkingstellingsovereenkomst.
5.4 De in de overeenkomst tot terbeschikkingstelling van werknemers en tot terbeschikkingstelling van personeel genoemde plaats van tewerkstelling is de basis voor de berekening van het uurtarief alsmede eventuele toeslagen, een reiskostenvergoeding of andere onkostenvergoedingen. Indien de opdrachtgever deze plaats van opdracht wijzigt en dit hogere kosten voor ZAG of de uitzendkracht tot gevolg heeft, is ZAG gerechtigd het uurtarief dienovereenkomstig te verhogen, dan wel vergoeding van de verhoogde kosten in de vorm van een vergoeding, reiskostenvergoeding of andere onkostenvergoeding te verlangen.
5.5 ZAG is te allen tijde gerechtigd een uitzendkracht terug te roepen en zo nodig te vervangen door een andere uitzendkracht die beschikt over de voor de opdracht bij de opdrachtgever vereiste kwalificaties.
5.6 De opdrachtgever dient ZAG onmiddellijk op de hoogte te stellen indien, conform de Duitse wet op uitzendwerk (Arbeitnehmerüberlassungs- und
een uitzendkracht met wie de klant in de laatste zes maanden voor het begin van de opdracht een arbeidsverhouding had, ter beschikking wordt gesteld of zal worden gesteld. De informatieplicht volgens zin 1 geldt ook als de uitzendkracht in de zes maanden voorafgaand aan het begin van de opdracht in dienst was van een onderneming die een groep vormt met de klant in de zin van § 18 AktG. Als er in de laatste zes maanden voor het begin van de opdracht een arbeidsverhouding bestond met de klant of een onderneming die een groep vormt met de klant in de zin van § 18 AktG, dient de klant ZAG onmiddellijk te informeren over de essentiĆ«le arbeids- en beloningsvoorwaarden van een vergelijkbare werknemer van de klant in overeenstemming met § 9 nr. 2 AĆG.
5.7 Evenzo zal de opdrachtgever ZAG onverwijld informeren indien conform de overeenkomst tot terbeschikkingstelling en terbeschikkingstelling van personeel een uitzendkracht aan hem ter beschikking wordt of zal worden gesteld die in de laatste vier maanden voor aanvang van de terbeschikkingstelling door ZAG reeds in dienst is geweest van een andere uitzendonderneming in de onderneming van opdracht.
5.8 De Uitzendkracht mag door de Opdrachtgever niet ter beschikking worden gesteld in een bedrijf dat behoort tot de bouwnijverheid in de zin van de definities van artikel 1b AĆG voor werkzaamheden die gewoonlijk door arbeiders worden verricht. Wordt de Uitzendkracht toch op deze wijze ingezet, dan is de Opdrachtgever jegens ZAG aansprakelijk voor alle schade en kosten die daardoor ontstaan.
6. zorgplicht van de klant; arbeidsveiligheid
6.1 De Opdrachtgever verplicht zich jegens de Uitzendkracht te voldoen aan de zorgplicht en beschermende maatregelen die voortvloeien uit artikel 618 BGB.
Dit omvat ook de naleving van de Arbeidstijdenwet, waarvan de controle uitsluitend de verantwoordelijkheid van de klant is. Indien nodig, verplicht de klant zich om toestemming te krijgen van de bevoegde toezichthoudende autoriteit als de uitzendkracht op een zon- of feestdag of op een andere manier buiten de volgens de Arbeidstijdenwet toegestane werktijden wordt ingezet.
6.2 De Opdrachtgever zal de Uitzendkracht toestaan gebruik te maken van zijn sociale voorzieningen en diensten in dezelfde mate als zijn werknemers daarvan gebruik kunnen maken en zal ZAG op de hoogte stellen zodra aan de Uitzendkracht op geld waardeerbare voordelen worden toegekend.
6.3 De Klant wordt erop gewezen dat de Uitzendkracht tijdens zijn opdracht onderworpen is aan de publiekrechtelijke bepalingen van de arbowetgeving die van toepassing zijn op het bedrijf van de Klant; de daaruit voortvloeiende werkgeversverplichtingen rusten tijdens de opdracht op de Klant conform § 11 (6) AĆG; de Uitzendkracht is organisatorisch geĆÆntegreerd in het bedrijf van de Klant. Hij is daarom gerechtigd gebruik te maken van alle bedrijfsfaciliteiten van de opdrachtgever op het gebied van arbeidsveiligheid. De klant verplicht zich er organisatorisch voor te zorgen dat de uitzendkracht ongehinderd gebruik kan maken van deze bedrijfsfaciliteiten. In overeenstemming met § 11 (6) AĆG moet de klant de uitzendkracht voor het begin van zijn werk en bij veranderingen in zijn werkgebied informeren over alle gezondheids- en veiligheidsrisico's waaraan hij tijdens zijn werk kan worden blootgesteld, en over de maatregelen en voorzieningen om deze risico's af te wenden.
6.4 De voor de betreffende activiteit van de uitzendkracht vereiste persoonlijke beschermingsmiddelen, die verder gaan dan een veiligheidshelm, veiligheidsschoenen en werkhandschoenen, worden kosteloos door de opdrachtgever verstrekt, voor zover dit voor de betreffende werkplek noodzakelijk is. Eerstehulpvoorzieningen en -maatregelen en eventuele gezondheidscontroles worden uitsluitend door de klant verstrekt. Verder stelt de klant uitsluitend kosteloos gereedschap of andere arbeidsmiddelen ter beschikking die nodig zijn voor het werk van de uitzendkracht. In dat geval is de klant als enige verantwoordelijk voor de correcte teruggave van deze zaken door de uitzendkracht.
6.5 De klant verplicht zich ZAG onmiddellijk schriftelijk op de hoogte te stellen van een arbeidsongeval of een ongeval op weg naar het werk waarvan de uitzendkracht het slachtoffer is, en ZAG binnen drie werkdagen na de eerste kennisneming van het ongeval een gedetailleerde schriftelijke ongevalsaangifte te sturen die voldoet aan de vereisten van § 193 SGB VII. Op dezelfde manier is de klant verplicht om het ongeval op het werk of op weg naar het werk onmiddellijk te melden aan zijn verzekeringsmaatschappij voor werkgeversaansprakelijkheid in overeenstemming met § 193 SGB VII. De klant moet ook ongevraagd binnen dezelfde termijn een kopie van het ongevalsrapport aan de voor ZAG verantwoordelijke beroepsvereniging sturen en ZAG alle informatie verstrekken die nodig is om het werk- of woon-werkongeval op te helderen. Op verzoek van de uitzendkracht dient ook een kopie van de ongevalsrapportage aan de uitzendkracht overhandigd te worden.
6.6 Opdrachtgever zal ZAG voor aanvang van de werkzaamheden van de uitzendkracht informeren over alle essentiƫle kenmerken van deze werkzaamheden, zoals de voor het verrichten van de werkzaamheden vereiste kwalificaties, de vereiste beschermingsmiddelen en een vereiste gezondheidskeuring. De opdrachtgever zal ZAG en de gemachtigden van ZAG het recht verlenen de werkplek van de uitzendkracht tijdens de werktijden van de uitzendkracht en in overleg met de opdrachtgever te bezoeken, teneinde aan de verplichtingen van de werkgever te voldoen.
6.7 Indien de uitzendkracht weigert in het bedrijf van de opdrachtgever te werken wegens onvoldoende veiligheidsmiddelen of onvoldoende instructie in arbeidsveiligheid, dient de opdrachtgever aan ZAG de vergoeding voor de ontstane stilstand te betalen; echter ten hoogste voor de periode tot het verstrijken van de voor de betreffende opdracht geldende gewone opzegtermijn.
7. vertrouwelijkheid; gegevensbescherming; wet gelijke behandeling
7.1 De uitzendkrachten hebben zich jegens ZAG - voor zover arbeidsrechtelijk toegestaan - verplicht tot geheimhouding van alle zakelijke aangelegenheden van de opdrachtgever.
7.2 ZAG wijst erop dat alle gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van de overeenkomst tot terbeschikkingstelling en terbeschikkingstelling van personeel worden geautomatiseerd en doorgegeven in het kader van de uitvoering van deze overeenkomst. De opdrachtgever van zijn kant verbindt zich ertoe alle gegevens van de uitzendkracht waarvan hij kennis krijgt, op te slaan en te verwerken met inachtneming van de voorschriften inzake gegevensbescherming.
7.3 Opdrachtgever verzekert dat de door ZAG ter beschikking gestelde uitzendkrachten niet worden benadeeld in de uitvoering van hun werkzaamheden conform artikel 7 AGG. In geval van discriminatie is ZAG ontslagen van de verplichting om uitzendkrachten ter beschikking te stellen.
8 Aansprakelijkheid; garantie; verzuim; ontbinding van het contract
8.1 Tijdens de opdracht verricht de uitzendkracht zijn werkzaamheden uitsluitend onder leiding en toezicht van de opdrachtgever. ZAG is dan ook niet aansprakelijk voor schade die de uitzendkracht tijdens of in verband met zijn werkzaamheden veroorzaakt. In het bijzonder is ZAG niet aansprakelijk voor de werkresultaten van de uitzendkracht.
8.2 ZAG is slechts aansprakelijk voor het ter beschikking stellen en de juiste selectie van een geschikte en gekwalificeerde uitzendkracht voor de functie (selectieaansprakelijkheid). ZAG is alleen aansprakelijk in geval van opzet of grove nalatigheid. Aansprakelijkheid voor lichte/normale nalatigheid is uitgesloten. De aansprakelijkheid van ZAG is beperkt tot de voor de overeenkomst typische, voorzienbare schade. Indien de uitzendkracht wordt belast met werkzaamheden die niet in het werknemersleasecontract zijn overeengekomen, is de aansprakelijkheid van ZAG uitgesloten. Indien de ingeleende medewerker conform het contract met geldzaken wordt belast, waarbij de medewerker direct of indirect in contact komt met geldbedragen (bijv. kassawerkzaamheden, geldtransporten, etc.), is ZAG alleen aansprakelijk, ook in geval van vastgestelde nalatigheid, indien de opdrachtgever voldoende veiligheidsmaatregelen heeft getroffen. Deze aansprakelijkheidsbeperkingen gelden niet indien essentiƫle contractuele verplichtingen of leven, lichaam of gezondheid worden geschaad. In dit geval is ZAG onbeperkt aansprakelijk.
8.3 De opdrachtgever dient de uitzendkracht direct na aanvang van de werkzaamheden te controleren op zijn geschiktheid voor de te verrichten werkzaamheden. Indien de opdrachtgever de beroepskwalificaties van de uitzendkracht niet toereikend acht voor de door de uitzendkracht te verrichten werkzaamheden, dient ZAG hiervan onverwijld, doch uiterlijk binnen vier uur na aanvang van de werkzaamheden door de uitzendkracht, op de hoogte te worden gesteld. In dit geval zal ZAG binnen het kader van haar mogelijkheden voor vervanging zorgen. Indien dit niet mogelijk is, kan de opdrachtgever de uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst met onmiddellijke ingang beƫindigen. Indien niet tijdig conform zin 2 wordt gereclameerd, kan de klant zich er vervolgens niet meer op beroepen dat de beroepskwalificaties van de ter beschikking gestelde uitzendkracht onvoldoende zijn voor de activiteit die in de uitzendovereenkomst is vastgelegd.
8.4 Met de selectie van een aan de opdrachtgever ter beschikking te stellen uitzendkracht ter uitvoering van een overeenkomst tot terbeschikkingstelling van arbeidskrachten, wordt de contractuele verplichting van ZAG uit hoofde van de betreffende overeenkomst tot terbeschikkingstelling van arbeidskrachten geconcretiseerd tot de terbeschikkingstelling van uitsluitend deze uitzendkracht. Als deze uitzendkracht zijn werk niet opneemt of niet voortzet, zal ZAG zich inspannen om voor vervanging te zorgen. Indien dit echter niet mogelijk is, is ZAG ontslagen van haar verplichting om voor vervanging te zorgen. In dat geval zal ZAG de opdrachtgever onmiddellijk op de hoogte stellen van de onbeschikbaarheid en de door de opdrachtgever betaalde voorschotten onmiddellijk terugbetalen. In de gevallen van zin 2 is ZAG alleen aansprakelijk voor de hierdoor veroorzaakte schade indien ZAG verantwoordelijk is voor het niet aanvangen of staken van de activiteit. ZAG is niet verantwoordelijk voor omstandigheden die te wijten zijn aan overmacht en aan gebeurtenissen die de toewijzing van een geschikte uitzendkracht permanent of tijdelijk aanzienlijk bemoeilijken of onmogelijk maken voor ZAG - dit omvat in het bijzonder stakingen, uitsluitingen, ziekte, epidemieƫn, officiƫle bevelen - zelfs in het geval van bindend overeengekomen termijnen en data. Zij geven ZAG het recht om de opdracht uit te stellen voor de duur van de belemmering plus een redelijke aanlooptijd of om zich geheel of gedeeltelijk terug te trekken uit de overeenkomst tot terbeschikkingstelling en terbeschikkingstelling van personeel vanwege het nog niet vervulde deel.
8.5 Indien de opdrachtgever de door ZAG aan hem ter beschikking gestelde uitzendkracht afwijst en ZAG geen gelijkwaardige vervanger beschikbaar heeft, is ZAG gerechtigd zich door onmiddellijke verklaring aan de opdrachtgever terug te trekken uit de betreffende uitzend- en terbeschikkingstellingsovereenkomst. Hetzelfde geldt indien de in de uitzend- en personeelsbemiddelingsovereenkomst genoemde uitzendkracht om een andere reden niet bij ZAG aan de slag kan of zijn dienstverband op een later tijdstip moet beƫindigen.
8.6 Een wijziging van de bewijslast ten nadele van de klant is niet verbonden met de bovenstaande bepalingen van Clausule 8.
9. plaats van nakoming; plaats van jurisdictie; toepasselijk recht
9.1 De plaats van nakoming voor alle diensten van partijen is de statutaire zetel van de respectievelijke vestiging van ZAG.
9.2 Indien de klant een handelaar is in de zin van § 38 (1) ZPO, is de exclusieve bevoegde rechtbank voor alle wederzijdse vorderingen en aansprakelijkheden die voortvloeien uit de zakelijke relatie met de klant, inclusief eventuele wissel- en chequevorderingen en voor geschillen over het ontstaan en de geldigheid van de contractuele relatie, de bevoegde lokale of regionale rechtbank in Hannover; wettelijke bepalingen over een andere exclusieve bevoegde rechtbank blijven onaangetast. ZAG heeft ook het recht om de klant aan te klagen bij zijn algemene bevoegde rechtbank.
9.3 Op de contractuele relatie tussen de klant en ZAG en alle andere rechtsverhoudingen tussen deze partijen is uitsluitend het recht van de Bondsrepubliek Duitsland van toepassing. Voor zover dwingend recht van de Europese Unie dit vereist, zijn deze bepalingen eveneens van toepassing.
9.4 Indien afzonderlijke bepalingen van de leasing- en aanwervingsovereenkomst onwerkzaam zijn of worden, of indien de leasing- en aanwervingsovereenkomst een achterpoortje bevat, zal dit geen invloed hebben op de geldigheid van de overeenkomst.
blijft de geldigheid van de overige bepalingen van de leasing- en aanwervingsovereenkomst voor werknemers onaangetast. In dat geval vervangen de partijen de ongeldige bepaling door een bepaling die het doel van de oorspronkelijke bepaling zo dicht mogelijk benadert. Een leemte wordt opgevuld door een aanvullende bepaling van de partijen die het doel van de leasing- en aanwervingsovereenkomst zo dicht mogelijk benadert.